Deel/Bewaar

 


 

1964: het compostbedrijf

Na Anderlecht (composteringsinstallatie), Monceau sur Sambre en Schaarbeek (verbrandingsovens) was Gent de vierde stad in België die een afvalverwerkingsinstallatie bouwde. Men koos voor het DANO-composteringssysteem, een aëroob procédé dat gebruik maakte van vier langzaamdraaiende trommels van 3,5 m diameter en 24 m lengte (biostabilisatoren).

Met de intensieve tuinbouw in de onmiddellijke omgeving van Gent was de vraag naar organisch grondverbeteringsmateriaal erg groot. Sinds 1977 verstrengde de wetgeving en werd het gebruik van de compost steeds moeilijker. Ze bevatte te veel zware metalen en mocht niet meer gebruikt worden voor de teelt van voedings- of voedergewassen. De installatie bleef in werking tot 1990. De laatste jaren werden de reststoffen verbrand in de nieuwe afvalverbrandingsinstallatie.

top

 

1979: de oude verbrandingsoven

De werken aan een verbrandingsinstallatie werden in april 1976 gestart. De installatie had twee verbrandingsovens, ieder met een capaciteit van 5,5 ton afval per uur. Jaarlijks werd 70.000 ton huisvuil verwerkt. Elke oven was voorzien van een koeltoren voor de afkoeling van de rookgassen. Een elektrofilter zorgde voor de afscheiding van de stofdeeltjes. Van performante rookgaswassing was in die tijd nog geen sprake. In 1979 werd de installatie in gebruik genomen. Bij de opstart was voorzien in een gedeeltelijke warmterecuperatie voor de verwarming van de gebouwen en het composteringsbedrijf. Door corrosie van de warmtewisselaar werd na drie jaar terug overgeschakeld op aardgas. Na het uitbreken van de energiecrisis ontstond het plan om de energie te gebruiken voor de verwarming van het Universitair Ziekenhuis Gent. Het project kende echter te veel technische onvolkomenheden en was geen lang leven beschoren.

In 1994 opperde AMINAL ernstige bezwaren tegen het verder exploiteren van de verbrandingsinstallatie. Door het nauwgezet uitvoeren van een actieplan konden de meetresultaten tot een aanvaardbaar niveau worden teruggebracht zodat de sluiting werd afgewend. De voorbereidingen voor de ombouw tot een vernieuwde installatie werden aangevat.

top 

 

1996: afvalverbrandingsinstallatie met rookgaswassing

In 1996 bouwde IVAGO de oude verbrandingsoven om tot een hoogtechnologische afvalverbrandingsinstallatie met rookgaswassing. Die beantwoordde aan de strenge milieueisen. De capaciteit werd opgedreven tot 100.000 ton per jaar. De rookgasreiniging bestond, naast de reeds bestaande elektrofilter, uit een kalkmelkreactor, een mouwenfilter en een natte waskolom. Het betrof een investering van 21 miljoen euro.

top

 

1999: bouw van een katalytische deNOxinstallatie

IVAGO was in 1999 de eerste intergemeentelijke vereniging in België die investeerde in de bouw van een katalytische deNOxinstallatie (7,5 miljoen euro). Die zorgt ervoor dat de uitstoot van stikstofoxides drastisch wordt teruggedrongen. Stikstofoxides zijn mee verantwoordelijk voor het gat in de ozonlaag, zure regen en smogvorming. Daarnaast breekt de installatie de eventueel nog aanwezige dioxines af. 

Sindsdien behoort de IVAGO-installatie tot het neusje van de zalm inzake milieutechnologie en trekt dan ook heel wat geïnteresseerden aan uit binnen- en buitenland.

top

 

2004 - 2005: energierecuperatie

Er ging heel wat energie verloren. De verbrandingsovens bereiken temperaturen van ruim 1000 °C. Door massaal koelwater in te spuiten werden de rookgassen tot een temperatuur van ongeveer 330 °C afgekoeld. Doorheen de rookgaswassing daalde de temperatuur verder tot 70 °C. In de deNOxinstallatie moest aardgas worden gebruikt om de rookgassen terug tot 230 °C op te warmen.

Het uitvoeringsplan Huishoudelijke Afvalstoffen 2003-2007 voorzag dat alle verbrandingsinstallaties tegen 2008 uitgerust zouden zijn met een energierecuperatie-eenheid. Daarnaast liggen de milieuheffingen voor een installatie met energierecuperatie een stuk lager en kan aanzienlijk bespaard worden op de elektriciteits- en aardgasfactuur.

De werken aan de energierecuperatie-eenheid werden midden 2004 aangevat. Van de onderhoudswerkzaamheden eind 2004 werd gebruik gemaakt om de oude elektrofilters en stoomketels af te breken. Tegelijk werden voorlopige rookgaskanalen aangelegd. Zo kon de installatie tijdens de duur van de werkzaamheden in bedrijf blijven.

Grote delen van de stoominstallatie werden op de terreinen van IVAGO voorgemonteerd en als een meccano op de juiste plaats klaargezet. Eind oktober 2005 werd de installatie een tweetal weken stilgelegd. De oude koeltorens werden uit de installatie verwijderd: goed voor zo'n 100 ton staal en 90 ton vuurvast metselwerk. De aansluiting van de nieuwe onderdelen op de bestaande installatie werd daarop in recordtempo gerealiseerd. Zo'n 50 specialisten van 20 verschillende firma's werkten de klok rond. Half november 2005 startte de installatie terug op en kon de productie van elektriciteit aangevat worden.

top

 

2006: aanleg ondergrondse stoomleiding naar het UZ Gent

De aanleg van de ondergrondse stoomleiding naar het UZ Gent en een condensaatleiding in de tegenovergestelde richting werd in juni 2006 aangevat. Geprefabriceerde segmenten met een lengte van 12 meter elk werden in indrukwekkende sleuven geplaatst en aan elkaar gelast.

top

 

 

2007: Het UZ Gent verwarmt met stoom van IVAGO

In 2007 werd de installatie voor energieterugwinning opgeleverd. Een investering van 34 miljoen euro. Sindsdien voorziet IVAGO in de eigen behoefte aan elektriciteit en warmte en levert daarnaast stoom voor verwarming en andere toepassingen aan het nabijgelegen UZ Gent. Daardoor zorgen IVAGO en UZ Gent er samen voor dat er jaarlijks 30.000 ton minder CO2 in de lucht terechtkomt.

 

top

 

2009: recuperatie hemelwater

We recupereren het regenwater dat op de IVAGO-terreinen valt. Hierdoor moeten we minder water uit de Schelde halen en herleidden we de afname leidingwater tot een minimum. Dit water gebruiken we voor het blussen van kalk en voor de voeding van de natte waskolommen.

top

 

2010: boven- en ondergrondse waterbuffer

We namen grote boven- en ondergrondse tanks in gebruik met een capaciteit van 1.800 m³. Die vangen het regenwater dat op de IVAGO-terreinen terechtkomt op. Dat water gebruiken we als proceswater in de installatie of als waswater in de spuitplaatsen. Hierdoor kan veel meer gebruikgemaakt worden van regenwater en moet er bijna geen beroep meer gedaan worden op Scheldewater of leidingwater bij de rookgaswassing.

top

Login

registreer je voor:

  • je ophaalkalender
  • beurten recyclagepark
  • saldo ophaalbeurten

Inschrijven op: