De juiste plant op de juiste plaats! Let op de voorkeur voor licht of schaduw en hou steeds rekening met de grondsoort. Je hoeft je tuin natuurlijk niet in één keer om te vormen. Vertrek steeds van bestaande elementen. Stapsgewijs bereik je al heel wat.
Bodembedekkers kunnen een deel van het gazon of naakte grond vervangen. Zorg voor een luchtige grond verrijkt met compost. Vóór de aanplanting dompel je de wortelkluiten best even onder. Tijdens het dichtgroeien dien je het onkruid regelmatig te verwijderen.
Kies voor sterke, doorlevende planten.
Hou rekening met de uiteindelijke grootte: na enkele jaren kunnen de aangeplante bomen en struiken verschillende malen aan grootte gewonnen hebben. Plant ze dus niet te dicht bij elkaar, maar vul de leegte tussenin met één- of tweejarige planten.